1954-1977

Alhoewel de voorzitter Hendrik Schut aan de vooravond van het seizoen 1954-1955 schreef: “Met vertrouwen voorwaarts” had de invoering van betaald voetbal, of anders gezegd “het kiezen voor vergoedingen” diepe wonden geslagen in het voetbal van VV Heerenveen. Vele vergaderingen waren er aan vooraf gegaan. Voor- en tegenstanders waren elkaar in de haren gevlogen.

Woensdag 25 augustus sprak Heerenveen zich in een buitengewone vergadering uit voor het invoeren van semi-professionalisering. De beide partijen moesten hun stadion delen. Ook dat gaf weer de nodige problemen. Er ontstond een ‘koehandel’ in voordelige amateurs. Op zondag 28 november 1954 werd een nieuwe start gemaakt met het betaalde voetbal in de competitie.

Elftalfoto 1954


Degradatie en vertrek Abe Lenstra
De partijen werden verdeeld over vier afdelingen, later divisies genoemd, van veertien elftallen. De nummers 1 tot en met 9 zouden promoveren naar de in het seizoen 1955/1956 in te stellen Hoofdklasse. VV Heerenveen belandde in de eerste Klasse A en eindigde op een 11e plaats. Dit betekende degradatie. Tevens vertrok Abe Lenstra. Hij werd aan het eind van 1954 verkocht aan sc Enschede voor 11.000 gulden. Volgens ingewijden was dat 89.000 gulden te weinig. Willem II werd als eerste semi-profclub kampioen van Nederland.

Er kwam een levendige handel in spelers. Een koehandel zo meenden velen. Van de oude garde waren alleen nog Brandsma, Molenaar en Hofma over. Cees Groot kwam en ging. Corrie Blaauw, Hans Alleman en Piet Kleur kwamen, maar gingen ook. Alleen de regionale helden bleven.

Degradatie was een feit (Heerenveen - DWS: 0-1)


Jaren ’60: magere jaren
De jaren ’60 waren mager voor Heerenveen. De club leidde het bestaan van een grauwe middenmoter. Enkele uitzonderingen daargelaten. Bijvoorbeeld de promotie in 1960. Het uitblijven van sportieve successen bracht Heerenveen op het randje van de afgrond. Juist toen de nood het hoogst was, in 1967, zette de plaatselijke bevolking zich massaal in voor het langzaam wegkwijnende Heerenveen. Dankzij de spontane hulp, uitmondend in Aktie ‘67, werd op alle mogelijke manieren geld ingezameld om betaald voetbal in Heerenveen in stand te houden.

De hulp kwam op het juiste moment. Heerenveen kreeg de wind in de zeilen en net als in de jaren ’50 sloot de club het decennium af met een kampioenschap en promotie in 1970 naar de eerste divisie. Deze ploeg is de enige ploeg in de geschiedenis die én het kampioenschap vierde en promoveerde.

Gillus Veenstra te midden van Bart Hainja, Hans Alleman en Piet Fleur


Jaren ’70: degelijke middenmoter
Heerenveen werd in de jaren ’70 een degelijke middenmoter. In de seizoenen 1971/1972 en 1973/1974 waren de Friezen zelfs in de race voor promotie naar de Eredivisie. Maar de derde plaats die in beide seizoenen behaald werd, was niet toereikend voor een plaats in de hoogste vaderlandse divisie.
De bekerwedstrijd in 1973 tegen Feyenoord sprak wel tot de verbeelding.

Financieel ging het niet goed. In 1974 was het alle hens aan dek om een faillissement te voorkomen. Om het voortbestaan van de hele club niet op het spel te zetten, werd in 1977 het betaalde en amateurvoetbal gesplitst. De profs gingen, in een stichting, verder onder de naam sc Heerenveen. De zogeheten ‘Paleisrevolutie’.

_____________________________________________________________
Foutje gespot? Wijziging doorgeven? Andere opmerkingen? De Famkes fan Feantastisch stellen je feedback op prijs. Mail naar opmerkingen@feantastisch.nl of gebruik het contactformulier.